Login
Register

Home

Actueel

Radio

Televisie

Uitzending gemist

Midvliet

Vacatures

Nieuws uit de Regio
Geef burgers met goede initiatieven ruimte om deze te realiseren. Zorg voor steun op maat. En investeer in constructieve samenwerking tussen initiatiefnemers onderling en met gemeenten. Dat waren de voornaamste conclusies van het symposium “De Burger neemt het initiatief” van de Rekenkamercommissie van Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg in het Louwman Museum in Den Haag.

Initiatiefnemers, raadsleden, collegeleden, ambtenaren en vertegenwoordigers van onder andere ministerie BZK, VNG, Nationale Ombudsman, provincie Zuid-Holland en gemeentelijke Rekenkamers kwamen samen in het Louwman Museum om met elkaar te praten over burgerinitiatieven. Centrale vragen daarbij waren: hoe kunnen gemeenten initiatiefnemers zo goed mogelijk ondersteunen? Welke rol hebben raadsleden, wethouders en ambtenaren? En wat kunnen initiatiefnemers zelf doen om hun project succesvol te laten zijn. Joep Stassen trad op als gespreksleider.

Minister Ollongren gaf met een lezing een aftrap voor de onderlinge discussies. “We zijn als overheid nog onwennig rond initiatief uit de samenleving”, zei ze tegen de aanwezigen. “Er is behoefte aan meer zeggenschap. Aan zelf doen en meedoen. Burgers willen zelf bepalen hoe hun buurt er uit komt te zien. Er wordt wel gesproken van het terugleggen van eigenaarschap bij de bewoners. Wat overigens niet betekent: laat de boel maar op zijn beloop. Het betekent eerder: anders werken. Niet alles op het gemeentehuis uitdokteren.”

De minister wil eraan bijdragen dat obstakels worden weggenomen. “Je hoort vaak dat zodra mensen zelf initiatieven nemen, ze vastlopen op een wirwar aan regels en criteria voordat ze een klein beetje subsidie krijgen. “We willen dit doen, maar het mag niet van die, die en die.” De houding van gemeenten is vaak te snel “nee, het kan niet.” Idealiter zeggen gemeenten: “Interessant initiatief, we gaan samen kijken hoe we dat van de grond kunnen trekken.”
Ook Jan van Zanen, voorzitter van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, sprak de zaal toe. Ditmaal niet achter het spreekgestoelte, maar zittend vanaf de rand van het podium. “Burgerinitiatief is een trend, en het is goed dat daar steeds meer aandacht voor is”, aldus Van Zanen. “Als gemeenten moeten we deze trend stimuleren door het nóg laagdrempeliger te maken voor mensen om een initiatief te starten en daar steun voor te krijgen.” 

Tijdens het symposium namen de burgemeesters van Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg namens hun raden het rapport van de Rekenkamercommissie in ontvangst. Daarin staan de conclusies van een omvangrijk onderzoek naar burgerinitiatieven in hun gemeenten. Hiervoor werden 71 burgerinitiatieven geanalyseerd. Het rapport laat zien wat hun motieven en behoeften zijn, en welke succesfactoren en obstakels een rol spelen bij het wel of niet slagen van een project. Naast het rapport ontvingen de gemeenten ook een praktische handreiking, én de toegang tot vier speciale online initiatiefwijzers, waarin de initiatieven in kaart zijn gebracht. 

Van Zanen is verheugd over de inzet van de Rekenkamercommissie op dit onderwerp: “Ik hoop, en ga ervan uit, dat jullie de resultaten van dit rapport en de concrete handreikingen die jullie doen, delen met alle andere gemeenten in Nederland.”
In de werkateliers gingen initiatiefnemers, raadsleden, ambtenaren en collegeleden per gemeente samen aan de slag om te zoeken naar concrete oplossingen om onderlinge samenwerking te bevorderen. Daarin werd intensief gediscussieerd. Tijdens de slotbijeenkomst bespraken zij de conclusies en gingen met elkaar in debat. Zij schroomden niet om toe te geven waar de pijnpunten zitten. “Als ik aanklop bij de gemeente, dan zoek ik een partner, niet iemand die tegenover me staat”, aldus een initiatiefnemer. “Het is schipperen tussen regels, hart en centen. Ja, dat is lastig. Ik voel me inderdaad soms ongemakkelijk bij burgerinitiatief en hoe ik daarin kan ondersteunen”, gaf een ambtenaar toe. Een andere spreker benadrukte dat elk initiatief anders is, en ook een andere steun nodig heeft. “Soms willen mensen helemaal geen overheidsbemoeienis. Dat is natuurlijk ook prima”, zei een wethouder.

Waarderende woorden waren er over de samenkomst en de gezamenlijke erkenning dat het nodig is om te zoeken naar verbetering. “Het identificeren en ondersteunen van eigen initiatieven van burgers, moet uiteindelijk onderdeel worden van het DNA van gemeenten”, zei een beleidsmedewerker. Een initiatiefnemer verwoordde concluderend: “Er moet een cultuuromslag komen. Het is een kwestie van lange adem, maar we zijn op weg.”