Delfland haalt in 2021 naar verwachting een bedrag van € 6,9 miljoen te veel aan waterschapsbelasting op.

Die € 6,9 miljoen is vooral opgebracht door de huishoudens. Vorig jaar was dat ook al 5,5 miljoen te veel. Het College gebruikt dit overschot om extra af te lossen op de schuldenberg.
De AWP (Algemene Waterschapspartij) wil dat deze 7 miljoen te veel betaald belastinggeld wordt verrekend met de watersysteemheffing van 2022. Zo staat het ook in de Waterschapswet: de watersysteemheffing is alleen bedoeld voor dekking van de werkelijke kosten.

Egalisatie
Het ramen van toekomstige uitgaven is natuurlijk lastig. Echter, de begrotingsraming van Delfland is wel de basis waarop de waterschapslasten voor het komend jaar worden vastgesteld.
Feitelijk verhoogt het College van Delfland met een te hoge begrotingsraming de waterschapsbelasting zonder toestemming van het waterschapsbestuur. De AWP vindt dat als het College extra wil sparen of schulden aflossen, dat ook netjes in de begroting moet worden opgenomen.

Omdat nauwkeuriger ramen volgens het College niet mogelijk is, stelt AWP Delfland voor om voortaan het te veel betaalde belastinggeld door te schuiven naar het volgende jaar. Daartoe moet een zogenoemde egalisatiereserve worden ingesteld. De AWP gaat dit voorstellen aan het College van Delfland.

(foto: AWP-fractielid Ko Heijboer in de digitale vergadering van het waterschapsbestuur van Delfland op 27 mei 2021)