De Provincie Zuid-Holland heeft besloten subsidie te verstrekken voor de komst van regionaal warmtetransportnetwerk Warmtelinq.

Hierdoor kan warmte vanuit de Rotterdamse Haven worden gebruikt om huizen te verwarmen.
GroenLinks heeft vóór het subsidiebesluit gestemd, maar blijft alert op de risico’s.

GroenLinks Statenlid Robert Klumpes: “We zijn kritisch op het warmtenet, omdat we niet willen dat Zuid-Holland afhankelijk wordt van de fossiele industrie voor het verwarmen van woningen.
Maar het zou ook een gemiste kans zijn om de warmte die vrijkomt uit de industrie te laten vervliegen in de lucht, terwijl wij hier zoeken naar warmtebronnen om van het gas af te gaan.
Als we het goed doen, is het een mooie kans: terwijl de industrie verduurzaamt, en op termijn minder restwarmte levert, kunnen we woningen gasloos verwarmen en isoleren.”

Daarom signaleert de GroenLinks ook de risico’s. Zo veroorzaakt het Emission Trading System (ETS) een concurrentievoordeel voor bedrijven die erbij zijn aangesloten.
ETS-bedrijven kunnen CO2-vrijstellingen verdienen door restwarmte te leveren aan het warmtenet. Dat levert een bedrijfsvoordeel op, maar alleen voor bedrijven die aangesloten zijn bij het ETS.
Lokale warmte-initiatieven en kleine bedrijven kunnen daar niet van profiteren, en hebben dus een extra concurrentienadeel.
Terwijl die kleine bedrijven juist zo belangrijk zijn voor het warmtenet, om te zorgen dat we onafhankelijk blijven van de grote bedrijven.
De voordelen van de CO2-vrijstellingen moet daarom gedeeld worden met andere warmteleveranciers en afnemers van warmte.
Klumpes: “Het warmtenet is ‘open source’: in principe kan iedereen warmte aanleveren voor het warmtenet.
Wij willen dat er een gezonde mix van warmteleveranciers is in Zuid-Holland, zodat we flexibel blijven wanneer de fossiele industrie verduurzaamt en daardoor minder restwarmte levert.”

Een andere zorg die Klumpes adresseert, is dat inwoners hun woningen niet meer isoleren wanneer zij aangesloten worden op het warmtenet.
“Doordat mensen vooral betalen voor hun aansluiting, en niet meer voor hun verbruik, is er misschien geen prikkel meer om woningen te isoleren.
Maar het isoleren van woningen blijft van groot belang. Op termijn gaat ook de industrie verduurzamen, en zal er ook minder restwarmte geleverd worden.
We moeten dus doorgaan met woningen isoleren.”

Om deze perverse prikkels te corrigeren, heeft Klumpes een aantal moties ingediend bij de Provinciale Staten. Deze werden allemaal aangenomen, of overgenomen door het College van Gedeputeerde Staten.
Klumpes: “Ik ben blij dat de Provincie Zuid-Holland zich heeft uitgesproken voor een duurzame inzet van het warmtetransportnetwerk, maar ik blijf alert op de uitvoering van de moties en toezeggingen.
Dit project kan grote winst opleveren voor het klimaat, als we het zorgvuldig aanpakken.”

(foto: Robert Klumpes)