Criminelen in het digitale domein leken in het verleden meer vrij spel te hebben omdat er onduidelijkheid bestond over handhaving.
Sinds de politie-eenheid Den Haag in februari vorig jaar startte met de zogenoemde ‘digitale meldkamer’ weten slachtoffers van online criminaliteit veel vaker de politie te vinden. Dankzij alerte inwoners lukte het agenten verschillende keren om daders op heterdaad te betrappen. De rechtbank veroordeelde vorige maand nog twee nepagenten tot celstraffen.
Online criminaliteit is al jaren een groeiend probleem. De impact hiervan op slachtoffers is vaak enorm. Met de invoering van de zogenoemde ‘digitale meldkamer’ besteedt de politie meer aandacht aan slachtoffers van online criminaliteit. Het gaat dan bijvoorbeeld om bankhelpdeskfraude, phishing of identiteitsdiefstal.
Agenten blijken daarbij niet alleen in actie te komen bij heterdaadsituaties, maar ook als een digitaal misdrijf nog maar kortgeleden heeft plaatsgevonden. Zo kunnen verdachten sneller worden aangehouden of slachtoffers direct worden opgevangen en waar nodig bijvoorbeeld computers of telefoons worden veiliggesteld. Soms lukt het zelfs nog om de schade voor slachtoffers te beperken.
De digitale meldkamer als werkwijze wordt al een jaar gehanteerd en het blijkt dat maandelijks zeker vijftig tot zeventig slachtoffers van online criminaliteit contact met de politie opnemen. In totaal gaat het van maart 2025 tot en met februari 2026 om 759 mensen waarvoor de politie in actie is gekomen. Hoeveel verdachten hierbij op heterdaad zijn aangehouden, is helaas niet bekend.
Een voorbeeld van de nieuwe werkwijze:
in een seniorencomplex in Leidschendam bezochten agenten medio februari een hoogbejaarde bewoonster die slachtoffer was geworden van telefonische helpdeskfraude. Zij bleek uren te hebben gebeld met iemand die beweerde van de politie te zijn. Zij liet zich overhalen om een alarmsysteem te nemen, maar, zo werd haar verteld, tot dat systeem er was, was het beter dat zij haar sieraden en bankpas tijdelijk afgaf. Een jonge man kwam langs om dit op te halen. Korte tijd later was met haar pinpas 1.000 euro opgenomen. Het slachtoffer was enorm onder de indruk van het hele voorval. Agenten namen bij haar thuis aangifte op en startten direct een onderzoek.
Andere veelvoorkomende manieren om met name ouderen als doelgroep te treffen: een onbekende die zich voordoet als bankmedewerker. Een e-mail die je naar een valse betaalomgeving leidt. Of iemand die jouw bankpas aan de deur komt ophalen. Dit soort digitale misdrijven zijn inmiddels dagelijkse kost. Jaarlijks worden vele Nederlanders slachtoffer. De schade is vaak niet alleen financieel, maar ook emotioneel groot.
Online criminaliteit zorgt voor gevoelens van schaamte, wantrouwen en angst. En net als bij bijvoorbeeld een woninginbraak, is het belangrijk om snel te handelen en slachtoffers dezelfde zorg en aandacht te geven als slachtoffers van ‘traditionele’ misdrijven.
‘Als politie investeren we voortdurend in ons vermogen om adequaat te reageren op ontwikkelingen in de samenleving’, zegt korpschef Janny Knol. ‘Digitale transformatie is een van de speerpunten bij de politie in een samenleving die snel innovatief digitaliseert, zo ook de criminaliteit. Dat betekent ook dat ze meer aandacht geven aan slachtoffers. De impact daarvan is enorm en vraagt om een aanpak die daar recht aan doet. En dat is hard nodig want digitale criminaliteit neemt toe en criminelen zijn steeds gehaaider.’
Vanaf 19 mei is de politie daarom in heel Nederland snel aanwezig bij meldingen van digitale criminaliteit. Niet alleen bij heterdaadsituaties, maar ook als een digitaal misdrijf net is gepleegd. Denk aan bankhelpdeskfraude, phishing of identiteitsdiefstal. Zo kunnen agenten slachtoffers direct opvangen, computers en telefoons veiligstellen en in sommige gevallen zelfs schade beperken.De aanpak draait niet alleen om het aanhouden van de daders, maar ook om hulp te bieden aan slachtoffers.
De impact van digitale misdrijven is vaak groter dan gedacht, omdat de slachtoffers niet alleen hun geld verliezen, maar ook hun gevoel van veiligheid. Soms zelfs zo dat ze hun laptop of telefoon niet meer durven te gebruiken. Dan maakt het een wereld van verschil als er een agent voor de deur staat die steun en aandacht geeft.
Evaluatie van het Digitproject ‘Ter Plaatse Criminaliteit’.
De resultaten waren overtuigend: slachtoffers voelden zich gehoord, serieus genomen en kregen vaker directe hulp. Soms kon schade zelfs worden beperkt omdat agenten snel contact legden met banken of webwinkels. In de loop der tijd sloten steeds meer eenheden aan. Vanwege de positieve ervaringen wordt de werkwijze nu landelijk uitgerold. Dat betekent dat vanaf 19 mei alle politie-eenheden in het hele land op dezelfde manier reageren op meldingen van digitale criminaliteit.
Ook het digitale loket verandert mee. Tot nu toe werden slachtoffers van online criminaliteit vaak doorverwezen naar een online aangifteformulier. Vanaf 19 mei is het ook mogelijk om via 0900-8844 een melding te doen en een agent aan huis te krijgen. De meldkamers sturen dan – afhankelijk van de situatie – een eenheid ter plaatse. Net als bij andere vormen van criminaliteit. Met deze landelijke werkwijze haakt de politie aan bij de veranderingen in de samenleving vanwege het besef dat de digitale criminaliteit de traditionele criminaliteit inmiddels heeft ingehaald. Daar wil de politie adequater op inspelen door sneller en effectiever te reageren.
Door: Gaston Wallé
Bron: Politie Haaglanden
Foto: Politie Haaglanden