-
-
Op vrijdag 28 november vond de officiële startbijeenkomst plaats van de nieuwe lokale afdeling van de Partij voor de Dieren (PvdD) in Leidschendam-Voorburg.
Met deze stap bereidt de partij zich voor op deelname aan de gemeenteraadsverkiezingen in maart. Bij de bijeenkomst was Tweede Kamerlid Christine Teunissen aanwezig. Teunissen is opgegroeid in Stompwijk en zit sinds 2021 in de Kamer voor de PvdD. Ook lijsttrekker Daniël Tempelman was erbij om de lokale plannen en ambities toe te lichten.
‘Een warm dorp met veel groen’
Voor Christine Teunissen voelde de bijeenkomst bijna als thuiskomen. “Ik heb hele goede herinneringen aan mijn jeugd in Stompwijk,” vertelt ze. “Het is een warm dorp, met een sterke gemeenschap en ontzettend veel groen. Als kind had ik daar alle ruimte om buiten te spelen en in contact te zijn met de natuur.”
Toch zag ze haar geboortedorp veranderen. “Er is minder biodiversiteit dan vroeger. Dat komt onder meer doordat de melkveehouderij is uitgebreid. Het maakt me bezorgd hoe snel natuur verloren gaat.”
Van kind met hart voor dieren naar Tweede Kamerlid
Teunissen vertelt hoe haar politieke betrokkenheid al vroeg werd aangewakkerd. “Mijn ouders waren heel milieubewust. We hadden geen auto, dus ik fietste altijd over de Stompwijkseweg naar Leidschendam. Thuis vingen we dieren op die anderen niet meer wilden. Zo groeide ik op met een sterk besef van natuur en dierenwelzijn.”
Tijdens haar studie ontdekte ze de Partij voor de Dieren. “Ik dacht meteen: dit is een partij die kwetsbare waarden centraal zet. Dat is uniek en hard nodig, want in de politiek krijgen economische belangen vaak voorrang boven natuur, klimaat en dieren. Ik wilde daar iets aan veranderen, en zo ben ik de politiek in gegaan.”
Een nieuw geluid in de gemeenteraad
Lijsttrekker Daniël Tempelman vertelt waarom deelname aan de verkiezingen belangrijk is. “De Partij voor de Dieren laat een ander geluid horen in de gemeenteraad. Voor veel partijen zijn dieren en natuur bijzaak. Voor ons zijn ze hoofdzaak.”
Volgens hem ontbreekt die stem nu in Leidschendam-Voorburg. “Dieren zijn belangrijk, van egels tot insecten, van vleermuizen tot vogels. Als het goed gaat met dieren en natuur, gaat het ook goed met mensen. Dat moet terugkomen in het beleid.”
Groeiende behoefte aan een groene koers
Volgens Teunissen groeit landelijk de behoefte aan de koers van de Partij voor de Dieren. “Mensen snakken naar een beweging die niet economische groei als vertrekpunt neemt, maar dieren en natuur. Dat is goed voor het welzijn van mens én dier.” De partij is inmiddels in veel gemeenten vertegenwoordigd, vooral in de grote steden. “Daar hebben we mooie successen geboekt, zoals meer vergroening. We hebben gemeenten waar woningen zijn verduurzaamd en natuurgebieden zijn uitgebreid.” Over Leidschendam-Voorburg zegt Teunissen dat de combinatie van stedelijke en landelijke gebieden “een mooie uitdaging” vormt voor de partij.
Een beweging vanaf de basis
De lokale afdeling bestaat inmiddels uit een groep enthousiaste vrijwilligers. Tempelman vertelt hoe het begon: “We zijn 2,5 jaar geleden begonnen met een kleine, gedreven groep mensen. Die wilden meedenken, flyeren, zwerfafval opruimen. Langzaam groeide dat uit tot een volwaardige afdeling.” De groep voerde de afgelopen jaren al verschillende acties, onder meer bij de Mall of the Netherlands, tijdens de Stompwijkse Paardendagen en rond eerdere verkiezingscampagnes. “Uiteindelijk hakten we vorig jaar de knoop door: we gaan het echt proberen. Wij willen de gemeenteraad groener en diervriendelijker maken.”
Op weg naar maart
Met de startbijeenkomst is voor de lokale afdeling een belangrijke stap gezet richting de gemeenteraadsverkiezingen van maart. Tempelman ziet die stap als een logisch vervolg op het werk van de afgelopen jaren. “We willen natuurlijk wel straks in 2026 ook aan die gemeenteraadsverkiezingen mee, want dan kunnen we echt iets voor elkaar krijgen,” zegt hij. Volgens hem is het doel helder: “We gaan het echt proberen. Wij willen de gemeenteraad van Leidschendam-Voorburg echt veranderen, echt een diervriendelijke en een groene kleur geven.”
Verslag: Hans Biard
Camera en montage: Marcel Breeuwsma
Door: Karin van der Spek